Dramatische begrotingssituatie
Enkel snijden op federaal niveau zal niet volstaan om de Belgische staat te saneren. Breekijzer voor een staatshervorming?
(Artikel door Pieter Cleppe, ondervoorzitter van Libera! en hoofdredacteur van BrusselsReport.eu, zoals oorspronkelijk gepubliceerd op Doorbraak.be op 2 oktober 2025.)
Volgens het monitoringcomité stevent de federale regering af op een nog groter begrotingstekort dan gevreesd, tot 5,5 procent van het BBP tegen 2029. Ook bij de regionale overheden is het huilen met de pet op. De Belgische politiek lijkt er maar niet in te slagen de tering naar de nering te zetten. Desondanks is de belastingdruk voor werkende alleenstaanden zonder kinderen in geen enkel ander OESO-land zo hoog als in België, waar meer dan 50 procent van het brutoloon door de staat wordt afgeroomd.
Het gros van de federale begroting bestaat uit uitgaven voor de sociale zekerheid. Een groot deel daarvan gaat naar gezondheidszorg. De uitgaven door de federale overheid en de deelstaten hiervoor zijn, uitgedrukt in percentage van het bbp, sinds het begin van de jaren 70 effectief verdubbeld, van ongeveer 4 procent van het bbp toen tot ongeveer 8 procent vandaag. Ze komen nu eindelijk in het vizier.
Besparingen?
Tijdens de vorige regeerperiode bewerkstelligde federaal minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) dat de uitgaven voor gezondheidszorg met gemiddeld 2,5 procent boven de inflatie mochten stijgen, de zogenaamde ‘groeinorm’. Pedro Facon, adjunct-administrateur-generaal van het Riziv, zei hierover onlangs: ‘De huidige regering zal de groeinorm een stukje verlagen en extra besparingen doorvoeren. (…) Daardoor zou de uitgavenstijging over de hele legislatuur beperkt moeten blijven tot een gecumuleerde 4 miljard euro bovenop de inflatie.’
Vandenbroucke wil zeker een aantal ‘besparingen’ doorvoeren, wat dus betekent dat de uitgaven minder sterk stijgen dan voordien. Maar hij probeert dat te koppelen aan staatscontrole op de werking van onze gezondheidszorg. Die is performanter dan bijvoorbeeld het etatistische Britse systeem, volgens zowat alle vergelijkingen, net omwille van de grote rol van private actoren.
‘Meester Frank’ teruggefloten
In het bijzonder wil Vandenbroucke fors ingrijpen in de verloning van artsen. In juni stelde hij voor om een maximum van 125 procent ereloonsupplementen in te voeren in de ziekenhuizen. Dat soort extra’s, die artsen bovenop hun vaste tarieven kunnen vragen, bijvoorbeeld als een patiënt in het ziekenhuis voor een eenpersoonskamer kiest, zorgen mee voor de financiering van de Belgische ziekenhuizen, die nogal krap bij kas zitten, om het zacht uit te drukken. Het leidde tot een storm van protest, waarbij een ongeziene alliantie van artsen, mutualiteiten en ziekenhuizen hem opriepen om ‘het overlegmodel te respecteren’.
Daarbij waarschuwden ze: ‘We zijn bezorgd over de wijze waarop dergelijke hervormingen tot stand komen. In een sneltreinvaart worden zij uitgewerkt, zonder grondig voorafgaand debat en los van de bestaande overlegstructuren. Wie een fundamenteel stuk van het zorgmodel hervormt, kan dat enkel samen met de mensen op het terrein.’ Dat ook de mutualiteiten – die zelf toch de facto deel uitmaken van het overheidssysteem – die kritiek deelden, spreekt boekdelen over het radicalisme van Vandenbroucke. Door dat protest, dat ook gepaard ging met kritiek van de federale coalitiepartner Les Engagés, werd Vandenbroucke gedwongen om zijn plannen te herbekijken.
Een staatshervorming op komst?
Alleen snijden op federaal niveau zal niet volstaan om de Belgische staat te saneren. Een nieuwe staatshervorming lijkt hiervoor onvermijdelijk, aangezien de federale overheid de vergrijzing en de historisch hoge schuldenlast niet langer de baas kan, terwijl de regio’s bij wijze van spreken zwemmen in het geld. Om het ietwat plastisch uit te drukken: de burger zou wel eens te horen kunnen krijgen dat een hartklep niet kan omdat we dat geld nodig hebben voor de Vlaamse boscoach.
De gezondheidszorg komt dan in het vizier, ook al omdat die bevoegdheid versnipperd is over het federale niveau en de deelstaten. Zelfs de Vlaamse socialisten hebben hier vijf jaar geleden voor gepleit, al wilden ze enkel de ‘uitvoering’ van de gezondheidszorg decentraliseren, en de ‘organisatie’ federaal houden. Philippe De Backer, toen Open Vld-staatssecretaris zei hierover: ‘Ik heb te veel absurditeiten gezien. Ons systeem werkt niet … Je loopt continu vast op de organisatie en de onlogische bevoegdheidsverdelingen. Die maken het ook heel makkelijk om verantwoordelijkheid af te schuiven.’
Net zoals in andere federalen staten, zoals Duitsland en Spanje, wordt gezondheidszorg bij ons dus best verder gedecentraliseerd. Dat kan door federale bevoegdheden over te hevelen naar het niveau dat nu al naar verhouding te veel belastinggeld ontvangt: de deelstaten. In feite voorzag de zesde staatshervorming al – uit noodzaak – dat de overheveling van bevoegdheden niet was gekoppeld aan de middelen, wat Vlaams Minister van Welzijn Jo Vandeurzen enkele jaren geleden tot besparingen noopte.
Besparingen bij die deelstaten zullen dan uiteraard nodig zijn. Geen kwaliteitsvolle gezondheidszorg zonder te knippen in de vele verspillende subsidies die op het niveau van de deelstaten worden uitgedeeld.
Franstalig België
Dat dit zeker in Franstalig België een pijnlijke oefening wordt, is evident. De zesde staatshervorming zorgt tussen 2025 en 2035 ook voor een uitdoving van bepaalde transfers, wat vooral het Waals en het Brussels Gewest treft. Op een bepaald moment zal men daarom niet langer ‘demandeur de rien‘ zijn.
Naar alle verwachting zal een grote staatshervorming, met meer taken voor de deelstaten zonder navenante middelenoverdracht, naar goede Belgische traditie worden afgekocht door een nieuw rondje transfers naar de noodlijdende deelstaten die dergelijke nieuwe taken – een hoop sociale beloftes – financieel niet aankunnen. In het geval van het virtueel failliete Brussels Gewest worden daar hopelijk ook strikte voorwaarden aan verbonden, om te voorkomen dat het Brusselse malgoverno zich herhaalt.
Confederalisme
Fundamenteel zou men daarbij ook de belangrijkste maatregel moeten nemen om het Belgische model eindelijk op Zwitserse leest te schoeien: een splitsing van de FOD Financiën, waarbij het federale niveau alleen nog middelen ontvangt via dotaties door de deelstaten. Dan kunnen deelstaten zo veel of zo weinig uitgeven als ze willen, maar moeten ze er wel zelf de belastingen voor innen. Dat zou betekenen dat België een volwaardig confederaal model krijgt.
Is zoiets realistisch op korte termijn? Het hangt allemaal af van de financiële druk op het federale niveau en de deelstaten, wat dan weer afhangt van de conjunctuur en de mate waarin de Europese Centrale Bank de Belgische rente kunstmatig laag blijft houden – op kosten van iedereen die spaart in euro, dat spreekt.
De dramatische economische situatie in Duitsland en in onze eigen chemische sector geven aan dat het punt waarop de dramatische begrotingssituatie als breekijzer voor een staatshervorming fungeert wel eens dichterbij is dan velen denken. Als de Europese Centrale Bank Frankrijk al moet ondersteunen, zal het misschien ook wat minder financieel en vooral politiek buskruit over hebben voor ons land …
Het zou dus kunnen dat Bart De Wever uiteindelijk toch nog een grote staatshervorming doorvoert.